161 – De blinkende boemerang
Twee gangsters Gun en Smook zijn op zoek naar de diamanten boemerang. Ze kunnen Lambik overtuigen en die reist met hen mee naar Australië.
De boemerang zit opgeborgen in de Berg der Geesten die bewaakt wordt door de Tjoeringa’s. Krijgen Gun en Smook de boemerang te pakken of zijn Suske en Wiske hen te slim af?
162 – De gouden locomotief
In een cowboyhoed vinden Lambik en tante Sidonia een briefje waarop staat dat er een gouden locomotief bestaat.
De luistervinkende Krimson dwingt professor Barabas om hem naar het Wilde Westen van 1875 te flitsen. Suske en Wiske reizen hun vijand meteen achterna op zoek naar de gouden locomotief.
163 – De vlijtige vlinder
Lambik en Jerom verkleden zich als vlinders om zo iedereen aan te sporen lief te zijn voor elkaar. Ze krijgen hulp van een mysterieuze Chinees die hen vertelt over een verborgen kistje.
De koffers zijn snel gepakt en onze vrienden reizen naar China waar ze het moeten opnemen tegen draken om het kistje te bemachtigen. Wie krijgt uiteindelijk de vleugeltjes omgebonden die in het kistje bewaard worden?
164 – De raap van Rubens
In dit verhaal maken onze vrienden kennis met de Vlaamse schilder Pieter Paul Rubens.
Tijdens het Twaalfjarig Bestand maken onze vrienden jacht op de koperen ketting en worden ze gedwarsboomd door de Kwakzalvers die overal hun spionnen hebben. Maar gelukkig kunnen onze vrienden op Jerom rekenen…
165 – De sputterende spuiter
In de bibliotheek wordt een waardevol boek over kruiden gestolen. Daarin staat het recept van een bijzonder kruidendrankje.
Onze vrienden gaan ernaar op zoek en ontdekken dat het drankje alle voorwerpen tot leven kan roepen. Dat kan leuk zijn, zou je denken. Maar niet als Boris Borrel er misbruik van wil make.
166 – De maffe maniak
Als tante Sidonia een nieuwe baan heeft, verdwijnt haar baas plotseling.
Sus Antigoon blijkt er meer over te weten en vertelt onze vrienden dat baas Bigshot naar Moerenië is. Daar ontmoeten ze hun grote vijand: de Zwarte Madam die samen met Bigshot de aarde wil vernietigen.
167 – De zingende kaars
Sus Antigoon komt onze vrienden vragen of ze hem willen helpen bij het bewaken van een zingende brandende kaars.
Als de kaars gedoofd wordt, valt het dorp Mispelbeke in handen van de Spanjaarden. Na veel aandringen mogen Suske en Wiske mee met Sus Antigoon om de betoverde tovenaar te verslaan en het dorp te redden
168 – De Efteling-elfjes
Wiske probeert een mug te vangen als ze plots merkt dat het geen mug maar een elfje is.
Het elfje vertelt dat ze vroeger een ster was die nu in de macht van een heks is en voortdurend moet dansen in de Efteling. Met z’n allen gaan Suske, Wiske en hun vrienden de strijd tegen de heks aan zodat de elfjes opnieuw sterren kunnen worden.
169 – De amoureuze amazone
Lambik vindt een revolutionaire brandstof uit waarop heel wat industriëlen meteen verlekkerd zijn. Als Lambik zijn uitvinding niet uit handen wil geven, stuurt B. Igmoney de knappe vrouw Sjenoffel op hem af en Lambik wordt verliefd op haar.
Suske en Wiske willen de gangsters wegflitsen maar het plan mislukt en Lambik komt terecht op een vreemde planeet waar oorlog heerst tussen verschillende robots.
170 – De olijke olifant
Wiske heeft even een lastige periode en wil op zoek gaan naar zichzelf. Een kaartlegster vertelt haar dat ze een grootse gebeurtenis moet meemaken die haar confronteert met goed en kwaad.
Ze flitst zichzelf naar de tijd van de Kelten en wordt bijgestaan door de olifant Surus. Samen met haar nieuwe vriendje is Wiske getuige van Hannibals tocht door de Alpen.
171 – Walli de walvis
Professor Barabas heeft op Antarctica Terra Incognita ontdekt. Er zijn al snel heel wat geïnteresseerden die hem bedreigen om meer te weten te komen maar hij kan rekenen op de steun van zijn vrienden.
Ze zorgen in het onderzeese land voor een verloren walvisje dat vermoord dreigt te worden door wrede walvisvangers. Maar zijn ze met z’n allen sterk genoeg om het op te nemen tegen de Snozems?
172 – Het laatste dwaallicht
Suske en Wiske ontmoeten een verdwaald dwaallichtje.
Hij vertelt hen hoe zijn soortgenoten opgesloten zitten in een grot waar ook de schat van Oberon ligt. Kunnen onze helden de dwaallichtjes bevrijden? Of is Krimson hen te snel af op zijn jacht naar de schat?
173 – Het drijvende dorp
Tijdens een dorpsfeest leren Lambik, Suske en Wiske een oud mannetje kennen dat hen vertelt over zijn voorouders. Die woonden in een dorpje dat van de aardbodem verdwenen was en dat door schutters gered werd.
Als ze dat horen zijn onze vrienden meteen erg nieuwsgierig en willen ze er meer over weten. Gelukkig is er professor Barabas die hen door de tijd kan flitsen.
174 – Het statige standbeeld
Lambik is slecht gezind omdat Suske en Wiske een standbeeld krijgen en hij niet. Maar de gouverneur van de Azoren biedt hem een eigen standbeeld aan op het eiland San Miguel.
Onze vrienden trekken erheen om de werkzaamheden te volgen, maar er is iemand die de oprichting van het standbeeld wil beletten…Maar wie en waarom? Zijn onze vrienden wel veilig?
175 – De kadulle Cupido
Sidonia haalt het in haar hoofd, de leidster van de Amazones te willen worden en met de teletijdmachine van Barabas flitst ze zichzelf naar het oude Griekenland waar ze bij een centaurenfamilie terechtkomt en kennis maakt met Cupido.
De boze Komplexios, die alleen maar op oorlog uit is en daarom een hekel heeft aan de liefdesgod, neemt Cupido gevangen. Via de centauren komen onze vrienden bij een orakel, dat vertelt dat de Amazonenleidster door een onverbiddelijke tiran gemarteld wordt. Kunnen onze vrienden de leidster vinden en Cupido bevrijden?
176 – De pompenplanters
Als Lambik hoort dat er in Bolivië een UFO geland is, wil hij erheen om foto’s te maken. Jerom, Suske en Wiske reizen met hem mee maar willen er pompen plaatsen om de mensen van zuiver drinkwater te voorzien.
Maar dan worden op een nacht alle pompen die ze geplant hadden gestolen… Wie zijn de daders? Heeft het geheimzinnige meisje Paz er misschien iets mee te maken?
177 – De adellijke ark
Onze vrienden ontdekken een mini-ark waarin een oude man en een papegaai rondreizen. Als ze er een foto van maken, wordt Wiske gegijzeld door bandieten die de foto willen bemachtigen.
De oude man blijkt op zijn ark heel wat dieren gered te hebben. Als de ark ontheiligd wordt, verliest hij zijn onsterfelijkheid. Suske en Wiske flitsen naar Babylonië om de ark te redden.
178 – De stoute steenezel
Lambik koopt op de Vogelenmarkt een toverlantaarn waarmee hij lichtbeelden kan projecteren. Als hij hem uitprobeert, verschijnt er een prent van een steenezel. Tijdens werken duikt de steenezel opeens op en zet de ganse stad op stelten.
Suske en Wiske ontfermen zich over het dier. Hij blijkt de omgetoverde zoon van een alcoholverslaafde te zijn. Kunnen Suske en Wiske en hun vrienden hem terug tot mens maken of blijft de ezel altijd door de stad razen?
179 – De windbrekers
Door een enorme windvlaag belandt in de tuin van tante Sidonia een exotisch beeld dat hen vertelt over het Foetsjieiland waar het zijn ouders verloren heeft. Onze vrienden gaan er meteen heen en krijgen af te rekenen met Or-Ka-Han die jacht maakt op het beeld en beschikt over grote stormkrachten.
Kunnen ze het beeld terug bij zijn ouders brengen? Of wordt alles vernietigd door de zware storm?
180 – Het kregelige Ketje
Manneke Pis is in gevaar! Zijn grootste rivaal wil hem vermoorden en dat kunnen Suske en Wiske niet laten gebeuren.
Ze nemen hem mee op wereldreis maar de bandieten Snoeffel en Gaffel volgen hen. Zal Manneke Pis ooit weer op zijn vertrouwde plaatsje in Brussel staan?