081 – De Circusbaron
Terwijl Jerom bij Sidonia de afwas doet, wordt hij ontvoerd. Dat wordt echter toevallig door het fototoestel van Wiske gefotografeerd. Als Lambik op onderzoek uitgaat, wordt hij benaderd door een man die hem als clown in een circus wil laten werken, dat beheerd wordt door een geheimzinnige directeur in een zwarte wagen.
Als Lambik begint te vermoeden dat die directeur iets met de verdwijning van Jerom te maken heeft, voegen Suske, Wiske en Sidonia zich bij hem in het circus. De geheimzinnige directeur is een gevaarlijke spion, die Jerom voor zijn duistere plannen gebruikt. Dankzij de hulp van professor B. Babbel, buikspreker en agent van de contraspionage, kunnen onze vrienden de bende ontmaskeren en door de politie laten inrekenen.
082 – De Gramme Huurling
Lambik is teleurgesteld omdat de mensen zo onvriendelijk en hatelijk zijn en hij besluit huurling te worden. Hij krijgt de kans in duister Afrika te gaan vechten en vertrekt direct. Ook tante Sidonia, Jerom en Suske en Wiske vertrekken naar Afrika, maar om de Blippies, een werkschuwe gemeenschap, wat beschaving bij te brengen. In het dorp leren ze Makako kennen, een tovenaar die in het geheim een leger houten beelden maakt.
Natuurlijk komen ze Lambik tegen, die in hetzelfde gebied als huurling actief is. De houten beelden van Makako blijken als ze tot leven gebracht worden, heel gevaarlijk te zijn. Maar Jerom ziet kans de tovenaar tot betere inzichten te brengen en weet hem te bewegen zijn toverkunst voor betere doeleinden te gebruiken. Als Suske en Wiske huiswaarts keren, heerst er rust en vrede in het dorp.
083 – De Straatridder
Een paar kletstantes uit de buurt beschuldigen tante Sidonia ervan, Suske en Wiske te verwaarlozen. Lambik gaat eens kijken hoe de vork in de steel zit en komt erachter dat de kinderen Barend willen helpen. Barend is een landloper die in een verkrotte woning leeft. Samen met tante Sidonia besluiten ze voor de man een nieuw huis te bouwen. Lambik wil intussen ook iets doen voor de minderbedeelden op deze aardbol en opereert, bijgestaan door Jerom, als straatridder.
De corrupte advocaat Terpoort probeert de edele motieven van de straatridder te misbruiken en als het huis van Barend opgeblazen wordt, krijgt de straatridder de schuld. Ook een bankoverval wordt hem in de schoenen geschoven. Uiteindelijk blijkt de schuldige van alle terreur Terpoort te zijn. Gelukkig krijgt de politie hem aan de grens te pakken.
084 – De Stemmenrover
Wiske koopt zonder het te weten een pakje betoverde thee. Lambik drinkt ervan – en raakt zijn stem kwijt. De thee was afkomstig uit Japan, waar een tovenaar de troonsbestijging van prinses Sholofly wil verhinderen door een Boeddhabeeld, dat toestemming tot de troonsbestijging moet geven, een stem te bezorgen. Lambik gaat in Japan op zoek naar zijn stem en komt bij de tovenaar terecht.
Lambik is echter zo onverstandig zich door de tovenaar te laten inpalmen en hem ook zijn geweten te schenken. Nu kan de boze tovenaar achter het geheim van de talisman komen, dat al eeuwen in het bezit is van de wijze heersers van het koninkrijk. Gelukkig dagen Suske, Wiske en hun vrienden op om Lambik uit de nesten te helpen. Ze weten de talisman in handen te krijgen, waardoor de macht kan terugkeren naar prinses Sholofly.
085 – De Schone Slaper
De fee Lili zou Jerom graag eens als drakendoder aan het werk willen zien. Maar nadat ze een sprookjesland getoverd heeft, verliest ze haar toverstaf. Niettemin verslaat Jerom de draak, maar als hij in het huis van tante Sidonia terugkeert, blijkt Wiske door een wespensteek blind te zijn.
Ze besluiten op zoek te gaan naar de toverstaf van Lili om Wiske te genezen. In het sprookjesland prikt Lambik zich aan het spinnenwiel van Doornroosje en valt prompt in slaap. Sidonia raapt al haar moed bijeen en wekt hem met een kus. Na veel strijd wordt de toverstaf eindelijk gevonden en als Wiske genezen is, krijgt Lili haar toverstaf terug.
086 – Tedere Tronica
De nieuwste uitvinding van professor Barabas is Tronica, een beeldschoon meisje met een elektronisch brein: geen mens, maar wel in staat volkomen menselijk te reageren. Er ontbrandt tussen Lambik en Jerom een felle strijd om de gunsten van Tronica en een strijd om het bezit van Tronica tussen de vrienden van professor Barabas en de boeven Nukkels en Mussels, die met de uitvinding geld willen verdienen.
Suske en Wiske en hun vriendenschaar verhuist naar een verlaten lunapark, waar de strijd met de boeven een hoogtepunt bereikt. Nukkels en Mussels zijn de verliezers, maar Lambik en Jerom ook, want intussen heeft de prof Ordi-Nator in elkaar geknutseld, een mannelijke robot die het computerhart van tedere Tronica verovert.
087 – De Vliegende Aap
Als Lambik in de krant een foto ziet van zijn broer Arthur wil hij meteen naar Afrika vertrekken om hem te zoeken. Aangekomen wordt Lambik gehypnotiseerd door de slang van Serpentos, een man die het op Arthur gemunt heeft omdat die kan vliegen.
Hij wil met Arthur naar een hoge rots vliegen waar een schat verborgen ligt. Suske, Wiske en hun vrienden ondernemen dezelfde expeditie naar de rots. Komen ze aan vóór Serpentos? En kunnen ze Arthur uit zijn klauwen redden?
088 – De Tamtamkloppers
In dit Suske en Wiske verhaal maken we opnieuw kennis met Arthur de Vliegende Aap, maar eigenlijk draait het allemaal om de bolhoed van de vader van Lambik: Papal-Ambik, een oude man die ergens in Botswana in de jungle zit, midden tussen de Jarangetans, een sprekende apenstam, en de Ju-jubekes, een bevriende neger-stam. Suske en Wiske wagen zich in de jungle om vader Papal-Ambik te zoeken.
Suske en Wiske worden daarbij voortdurend voor de voeten gelopen door een man met een stijve boord, moeten het opnemen tegen slangen, krokodillen, een nijlpaard en een leeuw. Suske en Wiske verslaan onder leiding van Lambik met zijn kokosnotenkanon het apenvolk en bemachtigen de bolhoed… die Papal-Ambiks rentekaart bevat! Stijve Boord blijkt een belastingambtenaar die te veel betaalde belasting komt terugbetalen.
089 – De Dolle Musketiers
In dit Suske en Wiske verhaal doet Jerom intrede. Suske, Wiske, Sidonia en Lambik laten zich door professor Barabas als musketiers terugflitsen naar de 17e eeuw. Daar krijgen ze in dienst van de koningin van Frankrijk opdracht de dauphin (troonopvolger) te zoeken en veilig naar Parijs te brengen. De snode hertog Le Landru wenst de Franse troon voor zichzelf.
Hij heeft als geheim wapen een zekere Jerom, die zich later echter aan de kant van onze vrienden schaart. Lambik krijgt steun en goede raad van Bikbellum, een klein ventje dat uit zijn brein gekomen is. De dauphin zou zich achter een ijzeren masker verbergen, maar aan het eind van het verhaal zijn er twee ijzeren maskers en tot het laatste toe blijft het onzeker wie nu eigenlijk de Franse troonopvolger is.
090 – Sjeik-El-Rojenbiet
Suske, Wiske, tante Sidonia, Lambik en Jerom trekken naar het Midden-Oosten om aan sjeik El Rojenbiet een kostbare gouden dolk terug te brengen, teken van zijn waardigheid. Maar Rojenbiet heeft tegenstanders, die eveneens de dolk in handen proberen te krijgen, zoals sjeik Bub-elghum en Rojenbiets eigen zoon, Ben Kara-khol.
Ruim 50 pagina’s avontuur, voordat de dolk aan de rechtmatige eigenaar teruggegeven kan worden – en dat nog wel door zijn eerst zo trouweloze zoon, die tot inkeer gekomen is!
091 – De Speelgoedzaaier
Lambik lijkt toevallig sprekend op de koning van Bazaria en hij krijgt het verzoek de man, die erg ziek is, een paar dagen te komen vervangen. Zijn vrienden mogen mee en dus vertrekt de hele club naar Bazaria. In Bazaria aangekomen gaat Lambik hard aan het werk om het land te moderniseren en iedereen van speelgoed te voorzien, maar de afgevaardigden die hem uitgenodigd hebben, een generaal en een minister, blijken verraders, die de koning gevangen hebben gezet en Lambik misbruiken.
Ze trachten een atoombom te maken, maar Suske, Wiske, tante Sidonia en Jerom zetten zich in voor de strijd tegen de booswichten. De geheimzinnige schaduw, die Lambik het koningschap afraadde, blijkt de persoonlijkheid van de echte koning Oktave I te zijn, die aan het slot van het verhaal in zijn waardigheid hersteld wordt.
092 – De Briesende Bruid
De trouwlust van tante Sidonia is het onderwerp van dit verhaal, Jerom en Lambik willen haar tegenhouden. Suske en Wiske helpen haar en sturen haar met de teletijdmachine van professor Barabas naar de middeleeuwen, de ridder-tijd, naar Zwartbaard die Blauwbaard blijkt te zijn, naar een oosterse sjeik en tenslotte naar de luchtvaartpionier Fokker.
Het wordt allemaal een flop, maar met de popzanger Fé Holksong klikt het en tante Sidonia komt voor het altaar te staan. Op dat moment grijpt de tekenaar in, hij gomt het hele tafereel uit. Want in zijn volgende verhalen kan hij Sidonia niet missen.
093 – De Snorrende Snor
De Snor is Sidonia’s vader, die eensklaps komt opdagen en beweert een “Dinges” gezien te hebben. Het blijkt een afgezant van de planeet Fiksion te zijn, die naar de aarde gekomen is in een compleet ruimtetuig vol robots en met een geheimzinnige leider.
Suske, Wiske en hun vrienden krijgen het met de robots aan de stok, nadat zij aanvankelijk het “Dinges” gastvrij ontvangen hadden. Samen met de Snor gaan ze op zoek naar de basis van het ruimtetuig. Ook een internationale legermacht trekt op om het ruimtetuig te vernietigen, maar op het cruciale moment ontpopt de leider van het ruimtetuig zich als professor Barabas, die de wereld een boodschap van vrede en eensgezindheid wil brengen.
094 – De Sissende Sampan
Toneel van de handeling: Hongkong. Hoofdpersonen: Suske en Wiske, Jerom en Lambik, Sidonia en Arthur de Vliegende Aap, de broer van Lambik. Ze vechten tegen de bende van Het Masker, die met de Sissende Sampan kinderen rooft om hen in de papavervelden te laten werken.
Aangezien de bestrijding van honger en armoede op Hongkong nadelig is voor de opiumhandel van Het Masker, saboteert de bende voedselzendingen en probeert af te rekenen met Suske en Wiske en hun vrienden, die juist naar Hongkong gekomen zijn om uit te vissen wie de voedselzendingen dwarsboomt. Lambik wordt aangesteld als politie-inspecteur en Sidonia tracht in de vermomming van de Draken Lady in de bende van Het Masker te infiltreren. Op het einde van het verhaal blijkt Het Masker niemand anders te zijn dan Krimson.
095 – De Kleppende Klipper
De Kleppende Klipper is een spookschip, dat de wateren voor de kust van het Kreukeleiland onveilig maakt. Doordat een brutale tiener aan de apparatuur van professor Barabas gesleuteld heeft, worden Suske en Wiske en hun vrienden pardoes midden in de zeestrijd tussen de klipper en het fregat het Zeepaard geflitst.
Het Zeepaard heeft tot taak de kolonisten veilig van het eiland te evacueren. Lambik wordt kapitein van het Zeepaard, maar de gouverneur van het eiland speelt een dubbelspel om de diamantmijn van het eiland in handen te krijgen.
096 – Het Rijmende Paard
Door een vergissing van professor Barabas wordt van een schilderij van Sint- Maarten het paard weggeflitst en in de wereld van vandaag gebracht. Het is een bijzonder paard, want het kan rijmen en het kan vliegen, maar het zoekt wanhopig naar zijn meester.
Suske en Wiske, die in dit verhaal fervente paardenliefhebbers zijn, trachten het witte paard te helpen, maar Krimson, de boosdoener, wil het dier voor zijn eigen duistere praktijken gebruiken: smokkelhandel. Ook professor Barabas probeert het paard te pakken te krijgen om zijn fout te herstellen. Krimson trekt aan het kortste eind en onze vrienden slagen in hun opzet. Het paard komt terug op zijn plaats in het schilderij.
097 – De Junglebloem
Suske en Wiske ontmoeten de zwerver Jonathan en zijn sprekende aapje Monky. Het aapje wordt ontvoerd door de maharadja maar weet te ontsnappen uit het vliegtuig. De maharadja is tot inkeer gekomen en schenkt Jonathan een peperdure diamant: de junglebloem, die al snel het doelwit is van twee bandieten.
Ook Monky is nog steeds niet veilig. Slagen Suske, Wiske en hun vrienden erin de junglebloem te beschermen? En blijft Monky buiten levensgevaar?
098 – Het Hondenparadijs
Een satelliet is uit de ruimte gevallen en neergekomen op een weilandje, waar Suske en Wiske een speelplaats gebouwd hebben voor Tobias, een straathondje dat door Wiske liefderijk opgenomen is. Het tuig is gevaarlijk en kan ontploffen. Daarom hebben Russen en Amerikanen in het diepste geheim een werkploeg gevormd om de satelliet, de SX17, onschadelijk te maken.
Tante Sidonia kende het geheim en moest door de mannen, die zich achter houten maskers verbergen, ontvoerd worden. Aangezien Tobias op sommige dagen, als de wagen van het Hondenparadijs ongelukkige hondjes komt ophalen, kan spreken, vrezen de Houten Maskers dat Tobias hen zal verraden. Daarom willen ze het hondje uitschakelen. De satelliet wordt met hulp van Suske en Wiske en hun vrienden gevonden en door Tobias onschadelijk gemaakt.
099 – De Kwakstralen
Als Lambik en tante Sidonia weg zijn voor een bezoek aan Nederland, maken Suske en Wiske kennis met miniwezentjes, afkomstig van de planeet Kwakurnus. Pamora, Mamora en hun kindertjes beschikken over de kwakstraal, een bijzondere kracht waarmee ze boze, egoïstische mensen tot inkeer kunnen brengen.
De bende van het Gouden Kalf wil hun het geheim van de straal ontfutselen. Maar Suske en Wiske en hun vrienden stellen alles in het werk om de kwakmensjes te verdedigen. De strijd wordt beslist in Madurodam, waar met hulp van Jerom de bende van het Gouden Kalf uitgeschakeld wordt, zodat de Kwakvriendjes ongehinderd met hun ruimtetuig De Tros kunnen terugkeren naar Kwakurnus.
100 – Het Gouden Paard
Een uitzonderlijk Suske en Wiske-verhaal, dat zich afspeelt in de 16de eeuw, toen de Spanjaarden Mexico ontdekten en jacht maakten op het goud van keizer Montezuma. Lambik is chirurgijn-barbier, geholpen door zijn twee vriendjes Suske en Wiske.
Suske en Wiske willen het Gouden Paard naar keizer Montezuma brengen om hem vredelievend te stemmen jegens Cortez, de Spaanse ontdekkingsreiziger, maar worden tegengewerkt door Diego Velasquez, gouverneur van Cuba. Als ze er toch in slagen Mexico te bereiken, moeten ze afrekenen met de Tabaskanen en met opstandige onderdanen van Montezuma, vooral met de verradelijke zonnepriester, die jaloers is op Lambiks bekwaamheden.